Groentips & Groeninfo
Overpeinzingen bij rupsen


De rupsenplaag van verleden jaar zult u zich wellicht herinneren. Het voorjaar is weer in aantocht, vandaar deze overpeinzingen.

Zoals iedere tuinbezitter weet zijn mezen gerenommeerde rupsenvangers. Ik meen gelezen te hebben dat een mezenpaar duizenden rupsen vangt voor hun kroost. Inderdaad komen de jongen uit hun ei als de rupsen nog klein zijn en de jongen groeien mee met het formaat rups, althans in gemiddelde waarden. Aangezien biologische bestrijdingsmethoden de voorkeur hebben boven gifwolken, dacht ik slim te zijn en drie mezenkasten op gepaste afstanden bij de rozen aan te brengen. De kastjes werden keurig bezet, maar het bleek dat de mezen naar de hoge eiken vlogen in plaats van slechts twee meter te dalen voor een overvloedige vangst op de rozen.

Dus blijft over de tweede biologische aanpak; het met de hand te vangen. Als men denkt dat het ongedierte opgeruimd is, dan vergist men zich, want na twee dagen blijken de rozen weer vol te zitten. Hoe komt dat?

Welnu, het blijkt dat we met intelligente rupsen te maken hebben, die verscheidene technieken gebruiken om aan de handvanger te ontsnappen. Voor de handvanger onderscheiden rupsen zich in een paar categorie├źn. Allereerst de bekende rollers, die na blad en knoppen te hebben vernield zich vergenoegd in een blad rollen om te verpoppen. Dan zijn er de stiekemerds, kleinere groene exemplaren die zich tegen een groen stengeltje aandrukken of zich in trosjes knoppen verschuilen. Verder herkennen wij de vallers met draad, rupsen van diverse kleuren en grootte die denken slim te zijn en zich laten zakken aan een draadje. Een ergere soort is die van de vallers zonder draad, die zich pardoes in de ondergroei laten vallen en dan veelal onvindbaar zijn. De stokjes denken zich het vege lijf te redden door zich in verschillende standen stokstijf uit te strekken, alhoewel ook deze soort ook wel boogjes probeert of als een vraagteken posteert. De laatste houding dient natuurlijk om de hardvochtige handvanger te vermurwen. Tenslotte treft men de klevers aan die met spinsel blaadjes aan elkaar plakken om daartussen beschermd vraatwerk te verrichten. Gelukkig komt men springers nog niet tegen, maar gelet op de wetten van de evolutie is dat een kwestie van tijd.

Tijdens de inspectie kunnen hulpen waargenomen worden in de vorm van sluipwespjes, die hun eitjes in de rups injecteren. Helaas helpt dat pas veel later, de rupsen eten vrolijk een aantal dagen door. Beter zijn kevertjes die een rups in hun kaken nemen en gaan oppeuzelen, maar waar haalt men stante pede twee kilo van die rozenvaste kevertjes vandaan? Na langdurig speurwerk en wat onwelgevoeglijke taal in verband met de rozendorens, bereikt men dat slechts een zeer beperkt aantal rozenknoppen tot ontwikkeling komen.

Kortom, het is beter een nederlaag te erkennen en gewoon te wachten op de tweede uitloop van blad en bloemknoppen ten tijde dat tevreden mezenouders hun jongen met enige aandoening van overgewicht zien rondvliegen.


Allard Meijerink




meer
26
Apr
vol verwachting
23
Apr
Het bamboebos van Prafrance