Diversen & Nieuwsbrief

Zaaien: tips van dhr. Vreeken tijdens de lezing op 3 november jl.

voorzaaien

 Op 3 november 2010 woonden zo’n 60 belangstellenden de lezing over “Tuinieren uit een zakje” bij. Deze lezing werd gegeven door de heer Vreeken van Vreeken Zaden uit Dordrecht (www.vreeken.nl). We hoorden daar onder meer de volgende tips.

 

Zaaien in de volle grond

Veel planten kun prima in de volle grond worden gezaaid. De heer Vreeken maakt bij het volle-grondzaaien het volgende onderscheid:

-        Eenjarige planten: de zogenaamde voorjaarskiemers, die in januari of februari al ontkiemen.

-        Zomerkiemers: deze hebben warmte nodig om te ontkiemen.

-        Najaarskiemers: hieronder vallen de winterharde eenjarigen en veel wilde planten.

-        Koudekiemers: hebben kou nodig om tot ontkieming te komen.

 

Hoe gaat het zaaien in de volle grond in zijn werk? Op de plek waar je wilt zaaien vermeng je potgrond met de bestaande grond. Zaai vervolgens op de juiste plek, want het is niet de bedoeling om de planten daarna nog te verplanten. Druk de zaden aan en maak de grond vochtig. Vervolgens dek je het zaaibed af met oude lappen of kranten. Het is daarna zaak het zaaibed iedere dag te inspecteren. Zodra de zaden ontkiemen haal je de lappen of kranten uiteraard weg. Het zal vaak nodig zijn het zaaisel uit te dunnen. Als de plantjes namelijk te dicht op elkaar staan worden de stengels te dun. Zet tussen de jonge plantjes meteen snoeihout als steunmateriaal.

 

Voorzaaien

Sommige planten kun je prima in de volle grond zaaien, maar er zijn ook soorten die je moet voorzaaien. Binnen die laatste groep kan onderscheid gemaakt worden tussen:

-        Warmteminnende snelkiemers: deze ontkiemen bij een temperatuur van tussen de 25 en 30 graden Celsius. Veel eenjarigen zijn warmtekiemers.

-        Koelkiemers: zaden die in koele omstandigheden (maximaal 5 graden Celsius) ontkiemen en verder warmer opgekweekt moeten worden.

-        Koudekiemers: deze zaden hebben het signaal koude nodig om tot ontkieming te komen. Veel meerjarge planten die uit bergachtige gebieden afkomstig zijn zijn koudekiemers.

 

Waarom zou je voorzaaien? Bij sommige soorten is voorzaaien noodzakelijk, bijvoorbeeld omdat de zaden heel fijn zijn, of het heel dun zaad betreft. Soms hebben de planten een lange groeiperiode en als je dan in april of mei in de volle grond zaait, komen de planten te laat in bloei. In zo’n geval ga je deze planten dan al eerder (soms al wel medio december) voorzaaien. Dit geldt bijvoorbeeld voor paprika en aubergine. Een laatste reden om planten voor te zaaien kan zijn dat de vogels of de muizen de zaden opeten als je ze in de volle grond zaait.

 

Het tijdstip dat je begint met voorzaaien hangt af van de groeikracht. Trage groeiers, zoals siertabak en salvia, zaai je vroeger dan snelle groeiers.

De meeste zaden zijn geen lichtkiemers; een plekje op of naast de radiator is dan prima.

Dit bakje moet niet te ondiep zijn, een diepte van 3 cm. of meer is aan te raden.

In het zaaibakje doe je zaaigrond. Vreeken verkoopt blokken cocopeat. Een blok cocopeat (grootte baksteen) meng je met 3 tot 4 liter water en 1 liter zand (zilverzand). Deze zaaigrond blijft luchtig, en door het zand blijft het net wat vaster.

Bepaalde planten zijn lastig te verplaatsen, bijvoorbeeld dille en cosmea. Deze soorten kun je beter in turfmolmbakjes voorzaaien zodat de jonge plantjes later met potje en al in de tuin kunnen worden gezet.

De zaaigrond druk je licht aan. Dan kun je gaan zaaien. En wat is dan een goede zaaidiepte? Heel fijn zaad wordt oppervlakkig gezaaid. Met een keukenzeefje strooi je er daarna grond overheen. Grote zaden duw je in de grond tot halverwege het zaaibakje, dus 1 tot 1,5 cm. diep. Daarna maak je de grond vochtig met lauw water en een nevelspuitje. Als je dit met een gieter doet loop je kans dat alle zaden naar een kant drijven. Op het zaaibakje zet je de bijbehorende deksel, of je spant er plastic overheen. Op die manier blijft de grond goed vochtig.

Vervolgens moet je iedere dag kijken of de zaden opkomen. Het zaaibakje moet dan worden afgehard. Je moet het bakje lichter en koeler zetten, op een plek waar het zo’n tien graden koeler is. De planten moeten ook wennen aan droge lucht. Als je het kapje er echter in 1 keer af haalt, loop je kans dat de plantjes verbranden. Doe dit dus in stappen: de eerste dag doe je aan een kant een houtje (liggend) tussen het bakje en het kapje. De tweede dag zet je het houtje hoger. Daarna kan het kapje er helemaal af.

De zaailingen worden vaak nog een keer verspeend, dat wil zeggen dat ze apart in een potje worden geplant. Zeker als er veel zaad is opgekomen is dat nodig omdat de plantjes elkaar anders verdrukken.

 

Koudekiemers

Meerjarige planten die in koudere gebieden groeien (hoog in bergen, dan wel dichter bij de polen) zijn koudekiemers. De zaden van deze koudekiemers blijven in rust zolang er geen koudeperiode overheen is gegaan. Pas na een koudeperiode volgt ontkieming. Bij een kwakkelwinter kun je die koudeperiode nabootsen door de zaden kort (maximaal 1 uur) in de diepvries te doen. Daarna zaai je ze buiten ter plekke of in een zaaibakje.

 

Koelkiemers

Bij koelkiemers meng je zaad en zand en maak je dat vochtig. Daarna zet je dit mengsel een paar dagen in de koelkast.

 

Harde zaden

Harde zaden hebben vaak problemen met het opnemen van vocht. Een tip: wrijf de zaden tussen twee stukjes schuurpapier. Daardoor wordt de huid beschadigd. Daarna week je de zaden een nachtje in lauw water. Een andere mogelijkheid is de zaden 3 of 4 tellen in water van 85 graden Celsius onder te dompelen, en er dan koud water bij te doen.

 

Diversen

Kattesnor zaaien wil wel eens moeilijk zijn. Als na drie weken geen ontkieming heeft plaatsgevonden wil het nog wel eens helpen de zaaibakjes een paar dagen in de koelkast te zetten.

Knoflook moet in november worden gezaaid. Zandgrond moet goed worden bemest. Doe er veel compost bij, en ook organische mestkorrels en patentkali. Tijdens de groei mogen de knoflookplanten niet te droog staan. Zorg voor een mulchlaag van natuurlijk materiaal (bijvoorbeeld gras of houtsnippers).

De optimale bewaartemperatuur voor aardappelen is 4 graden Celsius. Zorg bij een hogere temperatuur altijd voor een goede circulatie. Aardappelen moeten altijd op een donkere plek.

Groene Zondag, 19 september 2010

De 'Groene Zondag', werd dit jaar weer op Erve Kraesgenberg te Losser gehouden.

Het was de hele dag somber weer. Heel anders dan vorig jaar toen de zon de scheen en het terras de hele dag vol zat. De bezoekers die er wel waren hebben konden genieten van wat er in de talloze kramen en op de grond te zien en te koop was. Bloemstukken, jam, honing, keramiek, sieraden, houten speelgoed, voorwerpen van glas en lood, te veel om hier te noemen, werd in de kramen tentoongesteld.

De imker gaf uitleg over bijen, honing en al wat daar bij komt kijken, prachtige fuchsia’s hingen aan een oude boerenkar of stonden op de grand, er waren bonsaiboompjes te zien en ga zo maar door.

Onmisbaar voor een Groene Zondag waren de Groei & Bloeileden die planten verkochten. Over uit hun eigen tuin of speciaal gekweekt voor deze dag. Plantendokter Sipke Dijkstra gaf samen met zijn zoon Peter antwoord op de talloze vragen die hem werden gesteld.

Al met al goed georganiseerde en geslaagde dag. Voor 2011 hopen we op mooi weer. Dan kunnen we meer bezoekers en deelnemers aan de markt verwachten.

 

Margriet Meijling

 

Zaterdag 28 augustus is de Helmerzijde het opstappunt voor het uitstapje aan de gerestaureerde tuin van Landgoed het Warmelo in Diepenheim, de tuin van de Heren van Bronckhorst en een bezoek aan kwekerij Hof te Dieren.

Het aantal aanmeldingen is zo groot dat we met een bus reizen. (Baba reizen http://www.baba.nl/site) Een geweldige opsteker voor de organisatie en erg comfortabel. Kopje koffie onderweg en gelegenheid om met veel andere leden te praten. Maar dan, een teleurstelling. Veel regen heeft de tuin van kasteel Warmelo grotendeels onder water gezet en bezoek is onverantwoord. Op de valreep heeft de G&B organisatie een goed alternatief weten te vinden: “De Uiterwaard” in Epse. Waarvoor alle hulde!

 

De Uiterwaard

De eigenares ontvangst ons gastvrij met koffie en gebak. We hebben een uurtje om door deze heerlijke tuin te wandelen. Er zijn vaste plantenborders op kleur en hoogte, heesterborders, een groot gazon. Om een paar van de planten en struiken op te noemen: Melianthus major (oorspronkelijk uit Zuid-Afrika en daar ook Kruidjie-roer-my-nie genoemd), met wonderschoon blad, Tetrapanax (rijstpapierplant), Baptisia (Baptisia australis, in het Engels ook bekend als Blue Wild Indigo, was ooit een bestanddeel van blauwe verf), Rodgersia (in het Nederlands ook wel 'kijkblad' genoemd), Cornus cansa (koeienoog), Angelica gigas (engelwortel), Kirengeshoma palmata (Japanse wasbloem) en Clerodendrum bungei – kansenboom of pindakaasstruik, omdat het prachtige blad echt naar pindakaas ruikt. Voor meer informatie over deze tuin, zie http://www.deuiterwaard.nl



Bronckhorst

Na de lunch –de picknick valt door een stortbui in het water- is onze tweede bestemming Bronckhorst. In dit “Anton Pieck-achtige” plaatsje worden we opnieuw hartelijk ontvangen met thee en iets lekkers, in de woonkamer van “De Heren van Bronckhorst” Juweliers – Antiquairs. Onzichtbaar vanaf de straat ligt hun diepe coulissentuin te pronken. De diverse coulissen hebben elk hun eigen sfeer. De tuin mondt uit in een boomgaard, met van diverse fruitbomen steeds één exemplaar. Aan het eind van de zichtlijn staat een blauw bankje. Ons wordt gevraagd te schatten wat de grootte is. We bieden tegen elkaar op: drie, vier, zes meter breed … Uiteindelijk blijkt het allemaal bedrog: het is een kinderbankje van nog geen meter breed en pakweg 70 cm. hoog.

 

 

 


Hof te Dieren

Onze laatste bestemming is de kwekerij Hof te Dieren. Dit voormalig eigendom van Romke van de Kaa wordt nu gerund door twee jonge vrouwen. De kwekerij bevindt zich achter de muren van het landgoed "Hof te Dieren", voormalig eigendom van stadhouder-koning Willem III en nu in bezit van de Stichting Twickel. De kwekerij is rond 1885 als moestuin aangelegd. De destijds verwarmde muren boden bescherming tegen weersinvloeden. Op de website is een indrukwekkende plantenlijst te vinden. Ons bezoek lijkt op een waterballet: we ‘dansen’ langs de plassen. Het slechte weer doet niets af aan de schoonheid van de getoonde planten en er worden goede zaken gedaan. Uiteraard heeft de kwekerij een website (http://www.kwekerij-hoftedieren.nl).


 

 

 

Tijdens de terugreis wacht ons een laatste verrassing: zoutjes en een glaasje wijn of fris. Een voortreffelijk georganiseerd, informatief en gezellig uitje.

 

Zie ook onze fotopagina voor een uitgebreide impressie.


 


Annemarie Ridder

foto's: Jan en Sini Arendsen



Plantzoentje Albergen `12 augustus 2010

Zo’n 35 leden gingen mee op deze laatste zomeravondexcursie naar het Plantzoentje. Een mooie opkomst, misschien was men nieuwsgierig geworden na het verhaal over deze tuin in het augustusnummer van Groei & Bloei? Ikzelf was door Jos Holtrust overgehaald mee te gaan. En Jos had gelijk: het was een schitterende tuin met erg mooie en verschillende borders, veel leuke doorkijkjes en uitstekend onderhouden.Bij aankomst vertelde Anja Broekhuis over het ontstaan van de tuin: toen ze met Wim trouwde werd ze boerin en kreeg ze er een enorme (moes)tuin bij. Omdat zo’n grote moestuin niet nodig was voor het jonge stel en Anja vond dat ze toch iets aan de tuin moesten doen, liet ze een hovenier een plan maken voor een onderhoudsvriendelijke maar ook wel saaie tuin: vol met coniferen en heide. Heimelijk keek ze -een beetje jaloers- naar de tuin van de buurvrouw waarin zulke prachtige bloemen stonden. Toen de buurvrouw haar in het voorjaar verraste met allerlei stekjes ontstond bij Anja de interesse en liefde voor het tuinieren. Gazon en moestuin veranderden in een bordertuin met een mooie vijver. Daarna werd de tuin geleidelijk uitgebreid tot de 3500 m2 die het Plantzoentje nu beslaat. In de grote borders zijn grote groepen vaste planten prachtig met elkaar gecombineerd, waartussen hosta’s en grassen als verbindingselementen worden gebruikt. Op de zanderige grond moet goed bemest worden maar dat is met een boerderij erbij geen probleem. De planten stonden er mooi bij. Anja vertelde dat ze, omdat de tuin vanaf juni wekelijks opengesteld is, in de droge tijd wel af en toe gesproeid heeft want ze wil bezoekers niet teleurstellen met verdroogde planten.

Zie ook: www.plantzoentje.nl

 

Ineke Jenniskens

 

 

 

 

 

 

 

op stap met Marina ~ 28 juli 2010

Je raakt niet gauw uitgekeken in ‘Erve Pruysers,’ de (boeren)tuin van René en Marina Pruysers. Maar zonder de bordjes ‘Open Tuin’, die ons naar het Erve leidden, zou het nog een hele toer zijn geweest het te vinden. Het weer zat mee. Een lekkere temperatuur en niet de verwachte regen. Bij aankomst werden we, na een korte inleiding, ingedeeld in twee groepen. De ene ging met Marina mee, de andere met René.

Je keek je ogen uit. Veel verschillende borders, planten, heesters, zitjes, bomen, vogels en de bijen van René. Veel van die planten zijn verkregen op ruilbeurzen of bij een kweker gekocht. De natuurlijke poel staat, net als in andere zomers, bijna helemaal droog. Maar dit jaar is zelfs het allerlaagste deel zonder water. Om de poel is een houtwal die veel vogels trekt. Dat is ook de bedoeling van die wal. Tot slot bekeken we ook nog de, volgens Marina nettere, tuin van de buurvrouw. Ook beslist de moeite waard.

Het leuke van deze excursie vond ik de enorme afwisseling in de tuin en de enthousiaste verhalen van Marina. Over iedere plant, struik, boom en plek wist ze wel wat te vertellen. Alles had zijn eigen geschiedenis en verhaal.

Eén vraag blijft: Waar haal je de tijd en energie vandaan naast gezin, baan en nog andere activiteiten, om zo’n grote tuin zo goed te onderhouden? Lukt dat omdat je het met hart en ziel doet?

Margriet Meijling -Togtema

 

 

 

op stap met René ~ 28 juli 2010

Even buiten Sint Isidorushoeve ligt de prachtige tuin van René en Marina Pruysers. Er valt heel veel te vertellen en te zien. Onvoorstelbaar, nog geen 10 jaar geleden waren hier alleen weilanden. Nu is het geheel mooi opgedeeld in tuinkamers, open stukken met vakverdeling, een echt kabouterbos (de kinderen zouden hier van genieten: een “echt” bos met overal kaboutertjes! Wij volwassenen genoten ook met hoorbaar “oh, kijk daar en daar dan”) en een grote, natuurlijke vijver waar een bankje staat om op weg te dromen, alleen ‘verstoord’ door de vogels. Veel bloemen, veel kleuren en kleurcombinaties.

Een grote bijenstal met zeven kasten en een aangrenzende “bijentuin” met allerlei voor de bijen lekkere bloemen en planten. Vanuit het huis is een zichtas, die een mooi zicht geeft door de hele achtertuin.

Als extra mochten we ook de tuin bekijken van de ernaast liggende boerderij. Anders, maar ook heel mooi. We hadden een mooie avond, het weer was zacht, warm en vriendelijk.

Compliment weer voor deze avondexcursie.

 

Gerda Meijerink

Hemerocallissentuin Almelo ~ dinsdag 13 juli 2010

We werden ontvangen door Tim Kooijman en zijn vrouw met koffie en zelfgemaakte koek. We zaten fijn in de tuin, het weer was prachtig met avondzon. De tuin was ook prachtig! Wat een assortiment Hemerocallissen had Tim Kooijman. Tussen de vele soorten Hemerocallissen stonden allerlei andere planten en bloemen. Dit gaf de tuin een gevarieerde aanblik. Evenals de prachtige en rijk gevulde notenboom en een zitje bij een vijver met mooi zicht op de tuin. Na de rondleiding kon er ook gekocht worden. Ik heb de 'Citrina' gekocht, een gele, geurende Hemerocallis. Veel planten gingen grif van de hand en iedereen ging tevreden naar huis. Het was een leuke avond, bedankt activiteiten-commissie!

 

Fokje van Veen

Zaterdag 24 april 2010: plantenbeurs



Tot nu toe ging ik altijd naar de plantenbeurs om planten te kopen – we waren nog steeds bezig met het verder inrichten van onze achtertuin – maar dit jaar hadden we ook planten in de aanbieding. Juli 2009 had ik via Groei & Bloei bij de Hortus van de Vrije Universiteit zaad besteld van een drietal geelbloeiende vaste planten: Sisyrinchium striatum (bieslelie), Cephalaria gigantea (schoepkruid) en Thermopsis lupinoides (vossenboon). Het zaad van die laatste plant kwam nauwelijks op, maar de andere twee, en dan vooral de Cephalaria, deden het uitstekend. Gezaaid en verspeend door mij, overleefden ze de lange koude winter in de kas, liefdevol verzorgd door Roel.

Maar wat moet je met meer dan 60 stuks Cephalaria, als per vierkante meter maar drie planten nodig zijn? Het zijn immers imposante planten die zo’n 2,5 meter hoog worden! Op dus naar de plantenbeurs met ongeveer 50 stuks Cephalaria en een 20-tal bieslelieplanten. Twee akeleien die bij een recente verbouwing in de weg stonden werden ook meegenomen.

De plantenbeurs werd druk bezocht en er was ruim aanbod van planten. Onze verkoop verliep goed. Het geld dat wij verdienden werd uiteraard weer bij andere verkopers gebruikt voor nieuwe aanwinsten. Een akelei (kleur onbekend) werd geruild tegen een akelei (kleur eveneens onbekend). Wie weet wat dat voor nakomelingen gaat opleveren!

Intussen heb ik alles in de tuin gezet. En nu maar hopen dat dat gigantische schoepkruid zijn belofte waarmaakt!

Ineke Jenniskens

Maart 2010: paasworkshop


Yessica, de vriendin van mijn oudste zoon, wil die wel een keertje met me mee om een paasbakje te maken. Yessica heeft een kat en wij hebben er twee. Jonge katten welteverstaan, die van nature erg nieuwsgierig zijn en weinig respect hebben voor de tulpen die ik soms op tafel zet. Als we ’s morgens beneden komen liggen de tulpen meestal op de tafel. Met grote precisie uit de vaas getrokken. Katten en planten, dat gaat niet samen heb ik in de afgelopen maanden gemerkt. Ik was al gewaarschuwd door mijn buurvrouw - die veel verstand van katten heeft - dat poezen gek zijn op tulpen.

Maar ik wil me niet laten dwarsbomen door twee katten dus rijden we goedgemutst richting de Roef. Gewapend met een mesje en een tangetje. Verder hoeven we niks mee te nemen.
Op het tafeltje waar we ons melden, staat een mooi stukje. “He, gaan we dat maken?” roep ik enthousiast, want het ziet er voorjaarsachtig uit met vrolijke kleurtjes. In een flits zie ik ook dat er kleine gespikkelde eitjes in verwerkt zijn, als dat maar goed gaat met de katten, denk ik. Als we binnen komen kunnen we gelijk aan de slag. Ik ben al vaker geweest en maak me geen zorgen over het werk dat ons te wachten staat, want bij elke tafel staat een vriendelijke begeleidster met veel geduld en kennis van zaken. Dat is fijn.

We beginnen met de basis, en krijgen bananenbladeren die met klemmetjes bevestigd moeten worden op de zijkant van een gebogen vorm. Daarna wordt de oase er bovenop bevestigd met een ingenieus plakstripje. Geen idee wie dergelijk plakband bedacht kan hebben, want of de oase nu drijfnat is of niet: het plakt! Iedereen is geconcentreerd bezig met het opvullen met groen: klimop, buxus en pistacheblaadjes. Het ruikt lekker en het lukt, en er wordt streng gelet of we de bodem wel goed bedekken met groen. Daarna is er koffie en thee, een korte pauze voor het echte werk gaat beginnen.

We krijgen roosjes, die erg gemakkelijk in de oase gestoken kunnen worden. De roosjes zijn heel vers en oranjerood van kleur. Nog steeds vind ik het spannend om de roosjes voor een groot gedeelte van hun steel te ontdoen, gewend aan rozen op een vaas. Even later zit ik ook nog in de roosjes te blazen, veel gekker moet het niet worden! Maar we krijgen de verzekering dat met deze truc de roosjes wel veel mooier uitkomen. Mijn vrienden verklaren me nog steeds voor gek als ik deze geweldige tip aan de buitenwereld vertel.
Even later krijgen we gele ranonkeltjes. Dat is even een heel ander verhaal, omdat ranonkeltjes bekend staan om hun tere steeltjes ... Met kleine groene chrysantjes vullen we het bakje verder op, het begint er al aardig op te lijken! En dan: de eitjes! Met een stoer stuk mannengereedschap, een lijmpistool, mag je om de beurt tien eitjes in je werkstuk plakken.

We krijgen een glaasje tokkelroom met slagroom. Ondertussen is de tafel een ravage van groen en spullen geworden. Maar … iedereen heeft een werkstuk voor zich staan, waarvan  het thuisfront zich verwonderd gaat afvragen hoe we dat voor elkaar hebben gekregen. Zelfs met een paar sierlijke boogjes van groen pitriet als finishing touch.
Samen ruimen we de tafels op, vegen de vloer en bedanken voor de goede begeleiding.

Mijn paasbakje moet thuis elke nacht in de bijkeuken staan en ik heb een plantenspuit in de aanslag in de kamer. Nee, niet voor de rozen en de ranonkeltjes, maar om de eitjes te beschermen, die een onwijze aantrekkingskracht hebben op onze katten. Die geen idee hebben dat een zelfgemaakt paasstukje respect verdient. Maar dat peuter ik ze nog wel aan hun verstand!

Aaltjen Volbers

Lentebezoekje aan de tuin ‘Del Arte’ te Haaksbergen.

Zaterdag 27 maart j.l. was onze eerste excursie weer van dit jaar. Er zou eerst alleen ’s middags een groep gaan, maar bij meerdere deelname kon er ’s morgens ook een groep komen.
Wij zijn ’s middags geweest en bij het verzamelpunt TZP waren nu ook leden die voor de eerste keer meegingen.
Na een hartelijke ontvangst, vertelde mevr. Zijlstra dat de planten het ook bij haar zwaar te verduren hadden gehad deze winter. Mede daardoor was zij er nog niet aan toe gekomen  om al het blad uit de tuin te verwijderen. Ook het snoeiwerk moest nog gebeuren.
Dat er nog zoveel blad lag was wel jammer, want daardoor kwamen de voorjaarsbloemen niet altijd mooi uit. De cyclaampjes deden het goed in haar tuin.
Ook lagen er verschillende mooie potten begroeid met bekerkoraal in de tuin. Deze waren afkomstig uit Portugal.
Na de tuin bekeken te hebben gingen we met zijn allen binnen een kop koffie of thee drinken met een lekker koekje en/of een plak cake er bij.
Zij vertelde toen dat ze ook sieraden maakte. Na de koffie/thee ging bijna iedereen naar haar hobbykamer om de werkstukken te bewonderen. Er was genoeg keuze en je bent verzekerd van een exclusief sieraad. Was een ketting of armband te lang of te kort dan kon het veranderd worden.
Enkelen hebben wat gekocht, dit was weer eens wat anders om met een sieraad thuis te komen i.p.v. een plantje.

Lentegroeten, Sini Arendsen

 

Zaterdag 27 maart 2010: tuin Terr’arte haaksbergen

Naar deze tuin ga je niet voor het grote effect, de landschappelijke waarde of de uitgebreide plantencollectie. Nee, hier zijn we rondgeleid door een enthousiaste tuinierster, Tjitske Zijlstra, gewapend met een aanwijsstokje. Ze vertelde heel veel over alle wonderen in deze vroege voorjaarstuin. Er was zoveel te zien dat ik niet meer precies weet wat. Twee zaken herinner ik me nog goed, de grote Choisa-struiken met de heerlijke geur. Ik had er zelf net een aangeschaft, zo'n 25 cm. hoog en dan hier het volwassen exemplaar van 2 meter, dat was even schrikken. Hopelijk gaat het niet al te snel. Verder weet ik nu waarom ik niet van Helleborusen hou. (Kun je dat hardop zeggen?) Je moet er vaak bij met een stokje om ze op te tillen om te zien hoe mooi ze zijn. Na de toch wel koude excursie door de tuin konden we even in huis bijkomen met heerlijke koffie en iets lekkers. Het was een leerzaam en interessant bezoek, bedankt hiervoor.

Nienke Koedam-de Boer

 
 
 
 
meer

Advertenties

15
Jul
Volkstuin: het gewas bij de buren…….
07
Jul
bloemen, bijtjes en vlinders